Yogastijlen verschillen vooral op twee punten: het tempo van de les en hoe lang je een houding aanhoudt. Weet je die twee dingen van een stijl, dan weet je ook ongeveer hoe een les voelt. In hatha yoga neem je houdingen rustig één voor één aan. In vinyasa en ashtanga beweeg je door op je adem, terwijl je in yin en restorative minutenlang in dezelfde houding blijft liggen of zitten.
Op deze pagina staan acht bekende stijlen naast elkaar. Hatha is een logische eerste stijl, omdat je daar de houdingen in je eigen tempo leert. Onderaan lees je welke stijl je in welke situatie het beste als eerste probeert.
Twee vragen waarmee je yogastijlen uit elkaar houdt
De namen op een lesrooster zeggen weinig als je ze nog niet kent. Deze twee vragen wel, want het antwoord bepaalt of je na de les bezweet of juist slaperig de zaal uit loopt.
- Hoe snel volgen de houdingen elkaar op? In een rustige stijl sta je stil in een houding en neem je daarna de volgende aan. In een dynamische stijl loopt elke houding over in de volgende, zodat de les één doorlopende beweging is.
- Hoe lang blijf je in een houding? In de actieve stijlen span je je spieren aan en wissel je snel. In de stille stijlen ontspan je je spieren en blijf je minuten achter elkaar in dezelfde houding.
Een derde verschil zie je pas in de zaal: de omgeving. Hot yoga doe je in een verwarmde ruimte en iyengar met riemen en blokken, terwijl in kundalini meditatie en mantra’s bij de les horen.
Acht stijlen naast elkaar in één tabel
De tabel loopt van stijlen waarin je houdingen los van elkaar aanneemt, via de doorlopende reeksen, naar de stijlen waarin je het langst stil blijft.
|
Stijl |
Tempo |
Houdingen |
Typerend |
|
Hatha |
Rustig |
Los van elkaar, meestal in stilstand |
Aandacht voor houding en ademhaling |
|
Iyengar |
Rustig |
Heel precies uitgevoerd |
Hulpmiddelen zoals riemen en blokken |
|
Kundalini |
Wisselend |
Afgewisseld met ademhalingsoefeningen |
Meditatie en mantra’s horen erbij |
|
Vinyasa |
Dynamisch |
Elke houding loopt over in de volgende |
Adem en beweging lopen gelijk op |
|
Ashtanga |
Dynamisch |
Vaste reeks in een vaste volgorde |
Vraagt discipline |
|
Hot yoga |
Inspannend door de warmte |
Bij bikram een vaste reeks |
Verwarmde zaal |
|
Yin |
Stil |
Minutenlang dezelfde houding |
Spieren ontspannen in plaats van aanspannen |
|
Restorative |
Stil |
Ook minutenlang dezelfde houding |
Kussens, dekens en blokken dragen je lichaam |
Hatha yoga als rustige basis
Hatha yoga geldt als de basis van veel andere yogavormen. In een les neem je een houding aan, blijf je er even in staan, zitten of liggen en ga je dan door naar de volgende. Er zit dus tijd tussen de houdingen. Die tijd gebruik je om te voelen of je goed staat en om op je ademhaling te letten.
Dat rustige tempo is de reden dat hatha vaak de eerste stijl is die iemand probeert. Je leert de houdingen kennen zonder dat je een reeks hoeft bij te houden. Wat je hier leert, komt in veel andere stijlen terug.
Vinyasa en ashtanga, doorbewegen op je adem
In vinyasa koppel je beweging aan je ademhaling en loopt de ene houding over in de andere. Daardoor voelt een les als een training: je staat geen moment stil.
Ashtanga werkt op dezelfde manier, met één groot verschil: de reeks ligt vast. Je doet elke les dezelfde houdingen in dezelfde volgorde. Juist die herhaling vraagt discipline. Houd je van routine, dan past die vaste opbouw bij je, want je merkt van les tot les wat er beter gaat.
Lang in één houding blijven
Yin yoga is het tegenovergestelde van de dynamische stijlen. Je spant je spieren niet aan maar laat ze los en blijft minuten achter elkaar in dezelfde houding. Zo’n les is langzaam en stil en vraagt vooral geduld.
Restorative yoga gaat nog een stap verder. Kussens, dekens en blokken dragen je lichaam, zodat je geen enkele spier hoeft te gebruiken om in de houding te blijven. Ook hier blijf je minuten in een houding en het doel is volledige ontspanning.
Hot yoga, iyengar en kundalini
Bij drie stijlen zegt het tempo weinig, omdat iets anders ze kenmerkt.
- Hot yoga doe je in een sterk verwarmde zaal. De bekendste vorm is bikram, met een vaste reeks houdingen. Je zweet veel, dus een handdoek en water horen bij wat je meeneemt naar een yogales.
- Iyengar draait om precisie. Je voert elke houding zo nauwkeurig mogelijk uit en gebruikt daarvoor hulpmiddelen zoals riemen en blokken.
- Kundalini combineert houdingen met ademhalingsoefeningen, meditatie en mantra’s. Het spirituele deel van yoga krijgt hier meer ruimte dan in de andere stijlen.
Eerst overleggen bij klachten of zwangerschap
Geen enkele stijl is alleen voor beginners of alleen voor gevorderden, maar niet elke stijl past bij elk lichaam. Heb je klachten, herstel je van een blessure of operatie of ben je zwanger, overleg dan eerst met je huisarts en vertel het de docent vóór de les. Dat geldt het sterkst voor de dynamische stijlen en voor hot yoga, vanwege de warmte. Ben je zwanger, dan sla je hot yoga over, omdat je lichaam er oververhit door kan raken (bron: NCCIH, het Amerikaanse onderzoeksinstituut voor aanvullende zorg).
Voelt een houding pijnlijk, stop er dan mee en vraag om een aangepaste versie. Op de pagina over de nadelen van yoga staat welke blessures je oploopt als je houdingen forceert en waar je tijdens een zwangerschap op let.
Welke stijl probeer je eerst?
Welke stijl je als eerste probeert, hangt af van wat je uit een les wilt halen.
- Je hebt nog nooit yoga gedaan: begin met hatha. Je leert de houdingen in je eigen tempo.
- Je sport al en wilt je inspannen: probeer vinyasa. Bij zo’n actieve les telt ook mee wat je eet voor en na een yogasessie.
- Je houdt van een vast programma: ashtanga, zodra de basishoudingen je bekend zijn.
- Je wilt vooral tot rust komen: yin. Wil je helemaal niets hoeven, dan restorative.
- Je wilt de houdingen tot in detail leren: iyengar.
- Je houdt van warmte en flink zweten: hot yoga, na overleg met je huisarts als je klachten hebt en niet tijdens een zwangerschap.
- Je zoekt naast beweging ook meditatie: kundalini.
Twijfel je tussen twee stijlen, volg dan van allebei één proefles in dezelfde week. Na die twee lessen weet je of je lichaam om beweging of om stilte vraagt. Dat zegt meer dan elke beschrijving.
